Uitdaging: journalist drinkt veertig dagen geen alcohol

Verslaggever aan de spa Afbeelding: John Peters

Veertig dagen geen alcohol omdat het leven wel erg vaak een feestje is. Het lijkt voor carnaval een eitje, het blijkt een confronterende periode vol sociaal mijdend gedrag. Met nog één dag te gaan de belevenissen de van Pieternel Kellenaers sinds Aswoensdag in onderstaand verslag.

Het leek voor carnaval zo’n makkie. Tot Pasen vasten met een alcoholtime- out, maar dan op de katholieke manier. Veertig dagen dus. Hoewel van doop tot en met vormsel katholiek, vasten hoorde daar nooit bij. Nu ga ik de uitdaging met collega Harry Lücker aan, de alcohol blijft staan.We kiezen voor een light-variant met een flexibele zondag, te verschuiven naar elders in de week. Wel zo praktisch als je maandag moet werken. Wekelijks maar één dag mogen drinken, moet lukken. De eerste twee dagen na het carnaval gaat het al mis. Op Aswoensdag gezellig staan pilsen bij de veiling van de Koldergalereej in Weert, waar elk jaar op die dag de kolderieke kunstwerkjes van het carnavalsseizoen tegen het hoogste bod weggaan. En daags erna zorgt een spontaan etentje buitenshuis voor de volgende overtreding. De tussenstand na nog geen week is min 1, waarop collega Lücker en ik besluiten dat de zondag ook nog stapelbaar is, te verschuiven naar een andere week dus.

De eerste twee dagen na het carnaval gaat het al mis. 

Een week na mijn laatste wijntje, het voelt als een eeuwigheid, staat een weekendjeWinterswijk met oud-studiegenoten op de agenda. Twee avonden Bacchus offeren met heerlijke rode portjes en trappisten. Het hoort er nou eenmaal bij. Gelukkig moet ik het weekend erna werken en kan ik de schade inhalen. Twaalf nuchtere dagen kom ik door met water in plaats van pils na een vergadering en bruiswater bij een etentje. De tussenstand is van min 2 naar min 1 teruggelopen dus het lijkt de goede kant op te gaan. Kort voor halfvasten is het tijd om de balans op te maken. In mijn agenda staan weer wat hindernissen ingeboekt.Want hoe worstel je je nuchter door een bier-date? Daar kun je toch kwalijk spa rood gaan drinken. Maar tot mijn opluchting wordt een deelneemster ziek en is de afspraak daarmee afgeblazen. Dat vier ik meteen dezelfde avond als ik twee vriendinnen te eten krijg. Maar hoe nu verder? De geplande high tea op zondag zal wel lukken, maar de maandelijkse borrel op zaterdagmiddag dan? Heb ik nog een drankzondag tegoed? De optelsom in mijn agenda levert een schrikbarende conclusie op: om de veertig dagen zonder alcohol nog te halen, mag er tot Goede Vrijdag geen druppel meer in.

 In mijn agenda staan weer wat hindernissen ingeboekt.

Met de maandelijkse eerste zaterdag van de maand-borrel (daags voor halfvasten) valt er voor mij niks te vieren en begint dus echt het serieuze werk: borrelen zonder bier. Verbaasde blikken en reacties in de kroeg als ik afwisselend spa rood, spa blauw en koffie bestel. Nooit eerder zoveel geld aan water uitgegeven in de kroeg. En voortdurend uitleggen wat er aan de hand is, dit zijn ze van mij niet gewend. De avond sluiten we af met een bezoek aan het theater en nog napraten in café De Harmonie. Als ik er naar binnen stap, komt barman Joost meteen grijnzend naar me toe: kijk eens naar mijn nieuwe bierkaart. Een bulderende lach is het antwoord als ik zeg dat ik aan het vasten ben. Die gaat over als ik de zoveelste spa rood van die dag bestel. Het stappen op spa is niet goed bevallen: als een waggelend waterbed naar huis en de hele avond gaan de gesprekken over drank die niet gedronken wordt. De dagen erna ga ik sociaal mijdend gedrag vertonen. De training op woensdagavond sla ik over omdat die steevast met biertjes in de kantine eindigt. In de weekenden ga ik nergens meer heen. Ontluisterend hoe lastig het is de alcohol te weerstaan. Ik dacht dat alcoholisten om vier uur op hun horloge zitten te kijken of ze al mogen beginnen. Daar hoor ik niet bij. Maar mijn sociale agenda is eigenlijk hetzelfde. Zeker drie tot vier keer in de week staan er goede excuses in om wat te drinken.

 Zeker drie tot vier keer in de week staan er goede excuses in om wat te drinken. 

Excessief drinken, als ik de definitie van het Trimbos-instituut mag geloven. Eigen werkverschaffing, zal een verslaafde roepen over de statistieken van de hulpverleners waar zes biertjes in de week al het stempel ‘zwaar drinken’ oplevert. En terwijl je vrijwel nergens een tamelijk onschuldig jointje op mag steken, is het drinken van zes (of meer) biertjes in de kroeg sociaal volledig geaccepteerd. Sterker nog; als ik spa drink, vragen vrienden of ik ziek ben. Hoe collega Lücker het nu volhoudt, weet ik niet. Maar van zijn vakantieadres zag ik al twee foto’s van kroegen verschijnen. En daarvoor vertoonde hij net als ik ook al sociaal mijdend gedrag. Voor mij is Goede Vrijdag dag 40 en is de missie volbracht. Niet echt een geschikte dag om weer een lekkere trappist open te trekken, op de dag dat volgens de katholieke leer Christus ons aan het kruis van onze zonden verloste. Maar dat geldt waarschijnlijk ook voor de Stille Zaterdag erna. Erg praktiserend is mijn geloof niet meer dus een van die dagen gaat sneuvelen. Veertig dagen zonder alcohol is dan bereikt. En daarna? Verder als vanouds vrees ik, misschien een beetje minder.

Door Pieternel Kelleners