Limburgensia

Het Limburgs laat van zich horen op Facebook en Twitter

Afbeelding: Geertje Grom

Weet het dialect zich staande te houden in het tijdperk van de digitale communicatie? En zo ja, hoe gebeurt dat dan? Dat was het thema van de jaarlijkse streektaalconferentie van de stichting Nederlandse Dialecten (SND), afgelopen vrijdag in Middelburg.

Er zijn taalkundigen die met grote stelligheid beweren dat veruit de meeste (95 procent) talen op deze wereld ten dode opgeschreven zijn als ze zich niet in het domein van de digitale media manifesteren. 
Kort samengevat: If it’s not on the net, it’s dead. Als het niet ‘op het net’ staat, is het dood. 

Het Limburgs leeft dus nog. Want meer dan andere streektalen wordt het Limburgs - worden de Limburgse dialecten - gebruikt in digitale media als Twitter en Facebook. Ter illustratie: van de Limburgse tweets is 6,8 tot 8,7 procent in het Limburgs, van de Friese tweets - het Fries is officieel de tweede taal van Nederland, en al veel langer (en op hoger niveau) erkend dan het Limburgs - is 3,9 tot 5,3 procent in het Fries. Dat lijkt op het eerste oog niet erg veel, maar voor het Limburgs, dat toch vooral spreektaal is, mag het een fraaie score heten. 

Taal in social media
De Limburgse dialecten laten dus wel van zich horen in de digitale arena. Maar hoe precies? Hoe beïnvloeden de specifieke eigenschappen van de digitale communicatie - kort en snel - het dialect dat bijvoorbeeld op Twitter te vinden is? En in hoeverre draagt het digitale gebruik van dialect bij aan het behoud van dat dialect in het algemeen? 

Die - en nog heel wat meer - vragen kwamen vrijdag aan de orde tijdens de jaarlijkse streektaalconferentie van de stichting Nederlandse Dialecten (SND) in Middelburg. Taalkundigen uit alle Nederlandse en Vlaamse streektaalgebieden bogen zich daar over het thema ‘Taalvariatie in sociale media’. 

Meld je hier aan voor het Groot Limburgs Dictee

'Vervuilde vorm'
Hoe manifesteren de Limburgse dialecten zich precies in de digitale media? In ieder geval vaak niet volgens de officiële spellingregels van Veldeke, en opvallend vaak in wat - negatief beschouwd - een ‘vervuilde’ vorm zou kunnen heten. "In tegenstelling tot bij tweets in het Fries, zie je bij Limburgse tweets veel gemengd taalgebruik, dialect en Nederlands door elkaar”, zegt Leonie Cornips (Meertens Instituut, Universiteit Maastricht). Dat is overigens geen specifieke eigenschap van twitter-Limburgs. "Het dialectgebruik in sociale media staat vaak ver af van de normen en voorschriften van het authentieke dialect, bijvoorbeeld het Tilburgs. 
Dan geldt: zolang het maar Tilburgs klinkt of er als Tilburgs uitziet...”, zegt Jos Swanenberg (Universiteit Tilburg). 

Ester Magis (Vrije Universiteit Brussel) heeft uit haar onderzoek naar chattaal in Vlaanderen een conclusie getrokken die nog iets verder gaat. "Chattaal, die vooral door jongeren wordt gebruikt en dan nog voornamelijk in informele contacten, kent twee uitgangspunten: schrijf zoals je spreekt, en schrijf zo snel mogelijk. In feite wordt het schrijfproces bij het chatten losgekoppeld van alle spellingen taalnormen die binnen de schoolcontext verworven worden. Er ontstaat in de digitale media dus eigenlijk een nieuwe geschreven taal.” 

Chat-Limburgs bedreiging?
Een nieuwe geschreven taal die - aardig illustratief voorbeeld van Stef Grondelaers (Radboud Universiteit Nijmegen) - leidt tot vormen die bepaald geen standaard zijn, zoals "wel vijftien manieren om fucking te spellen op Twitter...” 

Ongeveer 60 procent van de Nederlanders en Vlamingen ziet in die ontwikkeling een bedreiging voor het standaard Nederlands, en voor alle standaard talen op de wereld. Ook voor het Limburgs? Er zullen ongetwijfeld taalkundige fijnslijpers zijn die het chat-Limburgs als een bedreiging zien. Maar er zijn ook taalkundigen die beweren dat het gebruik van chattaal de taalkundige ontwikkeling bevordert, en het verwerven van een andere taal gemakkelijker maakt. 

Lokale identiteit
Als dat laatste het geval zou zijn - er zijn nog geen onderzoeken die het onweerlegbaar bevestigen dan wel tegenspreken - dan dringt zich de vergelijking op met de in Limburg al decennialang slepende discussie over de vraag of dialect spreken al dan niet nadelig is voor de taalontwikkeling van kinderen. Daarin worden door voorstanders van dialectgebruik immers exact dezelfde argumenten gehanteerd. 

Lees meer over het dialect in ons dossier

Andere vraag: waaróm wordt met name in Limburg het dialect naar verhouding zo vaak gebruikt in de digitale media? Dat heeft, zegt Leonie Cornips , deels te maken met de constructie van een lokale identiteit. Door in hun tweets het eigen dialect - of onderscheidende elementen daarvan, soms extra zwaar aangezet, bijvoorbeeld in het Maastrichtse lááááánk - op te voeren, bevestigen twitteraars nadrukkelijk wie ze zijn, waar ze vandaan komen. "Dat zie je ook op Facebook als het erom gaat de Limburgse identiteit te bevestigen door je af te zetten tegen de Hollenjers, of in het carnavalsseizoen - heel opvallend - tegen de Brabanders, die niks van de echte vastelaovend snappen.” 

Geheimtaal
Die identiteitsfactor komt bij alle dialect- twitteraars duidelijk naar voren. Specifiek onderzoek in Horst naar twitteren in dialect heeft uitgewezen dat carnaval, Rowwen Hèze en het dialect zelf de voornaamste onderwerpen in dialecttweets zijn. Friezen, zegt Lysbeth Jongbloed (Fryske Akademy) gebruiken hun taal in tweets vooral omdat ze die taal mooi vinden, trots zijn op hun herkomst, en omdat ze ook in het Fries praten en denken. "En soms ook als geheimtaal. Als je niet wilt dat de baas mee kan lezen...” 

 

Door Guus Urlings