Twaalf jaar cel voor poging tot moord in Vijlen

Onderzoek op de plaats delict Afbeelding: Luc Lodder

De rechtbank Limburg in Maastricht heeft de 51-jarige Dagmar van G. uit Kelpen-Oler woensdag veroordeeld tot twaalf jaar gevangenisstraf voor de poging tot moord op zijn vrouw Anna. Dat is drie jaar minder dan de eis van het Openbaar Ministerie.

Voor de rechtbank staat vast dat Van G. op 19 februari 2018 zijn vrouw om het leven heeft willen brengen. Hij vuurde op die dag drie kogels op haar af bij een vakantiewoning in het gehucht Cottessen bij Vijlen. Ze werkte daar als schoonmaakster.

Dagmar van G. moet het slachtoffer 20.000 euro smartengeld en ruim 9.000 euro aan materiële schade die zij door het misdrijf heeft geleden, betalen.

Gepland

Officier van justitie Jenet Silvrants heeft veertien dagen geleden vijftien jaar gevangenisstraf geëist tegen Dagmar van G. Volgens haar heeft Van G. zijn moordpoging zeer goed gepland en voorbereid.

Tijdens de behandeling van de zaak sprak het slachtoffer de man, met wie ze in een vechtscheiding ligt , zeer indringend toe. „De dag waarop jij vrijkomt, is de dag waarop ik sterf, Dagmar.” Ze zei bang te zijn dat haar echtgenoot haar zal doden als hij op vrije voeten komt.

Lees ook: Aangrijpende verklaring neergeschoten schoonmaakster: ‘Is het nu genoeg geweest?’

Schrikactie

Dagmar van G. zei tijdens de behandeling van zijn rechtszaak dat hij het niet op het leven van Anna had gemunt. Hij noemde zijn daad een ‘schrikactie’. „Ik heb haar niet willen doden. Ik wilde haar alleen de tering laten schrikken. Ze moest terugkomen in de realiteit zodat we opnieuw konden beginnen.”

Advocaat Maartje van Riet liet na de uitspraak direct weten dat Dagmar van G. in hoger beroep gaat. „Mijn cliënt blijft erbij dat hij niet de bedoeling heeft gehad en dus ook geen plan heeft gemaakt om de vrouw van het leven te beroven. Het hof zal de vraag of er is sprake is geweest van poging tot moord opnieuw moeten beantwoorden.”

Door Jos Emonts
Leudal