Dit artikel is exclusief voor abonnees van De Limburger
Dit exclusieve artikel lezen? Doe het gratis >

De gouden handjes van de toekomst komen van het vmbo

Dit artikel krijg je van ons cadeau

Meer dan de helft van de middelbare scholieren in Nederland zit op het vmbo, maar toch heeft deze vorm van onderwijs veelal een slechte naam. De perikelen rondom het VMBO Maastricht hebben ook niet geholpen. Maar voor die tijd kleefde er al een negatief imago aan het vmbo. Hoe kan dit? Er is juist een schreeuwend tekort aan mbo’ers.

Hij betreurt het zeer dat het vmbo een slecht imago heeft. Onderwijsminister Arie Slob vindt het ook onterecht. „Dat is meer iets van buiten het vmbo dan daarbinnen. Onbekend maakt onbemind. Daar doen we deze leerlingen en hun leraren echt mee tekort. Ik kom veel op vmbo-scholen en zie met eigen ogen wat voor moois daar gebeurt. Het vmbo bereidt jonge mensen voor op beroepen als kok, metselaar, kapper of webdesigner. Vakmensen die de ruggengraat vormen van onze economie.”

Maar eigenlijk is het iets van alle tijden. Rineke van Daalen werkte als socioloog aan de Universiteit van Amsterdam en deed onderzoek naar het stigma dat het vmbo heeft. De onderwaardering voor het beroepsonderwijs is niet nieuw, zegt ze. „Op school wordt een scherpe scheiding aangebracht tussen hoofd en hand, waarbij het hoofd als hoger wordt gezien. Dit is terug te voeren tot de negentiende eeuw, toen het onderwijsstelsel ná de lagere school vorm kreeg. Al in die periode werd manuele arbeid als minder gezien.”

Vroeger gingen alleen arbeiderskinderen naar het lager beroepsonderwijs: de toenmalige ambachts- of huishoudschool. „Overigens was het slechts een kleine groep, die het zich kon permitteren om na de lagere school verder te leren. Dat was op zich positief en bereidde kinderen voor op geschoolde arbeid.”

Hoop

Na de Tweede Wereldoorlog vindt de gedachte ingang dat ieder kind gelijke kansen zou moeten krijgen.

De hoop was dat met het vmbo – dat de praktijkopleidingen en de mavo samenvoegt en waar in vier leerwegen onderwijs kan worden gevolgd – het lager beroepsonderwijs zou worden opgewaardeerd. Eerder was je bijvoorbeeld na vier jaar al timmerman en was switchen tussen beroepen haast ondenkbaar. In die zin is het vmbo een goed idee geweest, zegt Van Daalen: „Het is heel goed dat alle vmbo-kinderen nu algemene vorming krijgen. Zeker met het oog op de huidige, grillige arbeidsmarkt en zaken als globalisering is het goed dat leerlingen een brede ondergrond hebben en pas na het volgen van een mbo-opleiding gekwalificeerd zijn voor de arbeidsmarkt.”

Dat vindt Jan Rijkers ook. De interim-bestuurder van scholenkoepel LVO, waaronder ook het VMBO Maastricht valt, zou de vorming van het vmbo geen fout willen noemen: „Er komen steeds nieuwe beroepen bij, kijk naar de ICT-sector. Het is goed dat leerlingen breder en niet meer heel specialistisch worden opgeleid. Maar kennelijk is het moeilijk om de verworvenheden van het systeem goed voor het voetlicht te brengen.” Volgens hem heeft het slechte imago ook te maken met het beroepenveld, dat ondanks alles in lager aanzien staat. „Het salaris spreekt minder aan, hoor ik. Terwijl ik denk dat een goede ambachtsman of -vrouw zeker zo goed kan verdienen als iemand in een administratieve functie.” Alleen zitten ze misschien eerder aan een salarisplafond, zegt directeur Annemarie Lukassen van het Bouwens van der Boijecollege in Panningen. Dat er sinds de invoering van het passend onderwijs meer kinderen met een extra begeleidingsvraag – die eerder in het speciaal onderwijs terecht konden – nu op het vmbo onderwijs volgen, geeft een ander beeld van het vmbo. „Daar moet je meer zorg aan besteden, het zijn kinderen met een leerachterstand of gedragsproblemen, maar die zijn wel echt in de minderheid hoor.” Bovendien, zo tekent Lukassen aan, had de lagere technische school (lts) vroeger ook niet altijd de beste naam. De vmbo-basisafdeling van haar college sleepte onlangs het predicaat ‘excellente school’ binnen. Kleine klassen van 16 à 17 leerlingen, die worden aangezet om zelf na te denken over wat ze op welke manier willen bereiken. „Wij willen het positieve benadrukken, ze vertellen dat we als maatschappij hun gouden handjes heel hard nodig hebben.”

Onderwijskundige Jos Claessen van de Open Universiteit Heerlen vindt dat niet goed wordt omgegaan met de beroepssector: „De perspectieven in bijvoorbeeld bouw en zorg zijn onzeker: soms is er veel vraag, soms juist weer helemaal niet. Hierdoor leeft het idee dat een white collar-baan beter is. Terwijl er juist heel veel vraag is naar praktisch opgeleide mensen.”

De gouden handjes van de toekomst komen van het vmbo
Foto: Debby Frissen

Opwaartse druk

Leon Custers, teamleider onderbouw op vmbo-school Het Kwadrant in Weert, is van mening dat het wel meevalt met het slechte imago. Dat ouders hun kind liever naar havo of vwo zien gaan, heeft volgens hem niet zozeer te maken met het imago van het vmbo als wel met de opwaartse druk in de maatschappij. „Op Het Kwadrant proberen we onderwijs aan te bieden voor verschillende types leerlingen. Er is bijvoorbeeld ruimte voor scholieren die aan topsport doen. Ook leerlingen van buiten Weert komen naar Het Kwadrant”, zegt Custers. „Van krimp merken we nog niks.”

Dat geldt ook voor de vmbo-locatie van Stella Maris in Valkenburg. Volgens locatiedirecteur Wien Bergmans is het aantal aanmeldingen de afgelopen jaren juist gegroeid. „Dit zou kunnen komen door onze manier van lesgeven. Voor leerlingen met een leerachterstand bieden wij leerwegondersteuning door middel van kleine klassen en een mentor die in meerdere vakken lesgeeft.”

Al valt het in Valkenburg dus mee, Bergmans denkt wel dat het imago in het algemeen niet positief is. „Er wordt gedacht dat het vmbo er is voor scholieren met gedragsproblemen. Vmbo’ers zijn kinderen die intellectueel iets minder sterk zijn, maar die wel doorzetten en de mouwen opstropen. Een goede mentaliteit is bij ons belangrijker dan hoge intelligentie.”

Na de zomervakantie gaat de 11-jarige Luna uit Ulestraten naar de middelbare school. Ze start in de brugklas vmbo-tl op het Stella Maris in Meerssen. „Het basisschooladvies was voor Luna vrij snel duidelijk: vmbo-tl”, vertelt moeder Wendy Hendriks (46).

„Na een gesprek met haar leerkracht hebben we besloten dat dit de juiste richting is voor haar.”

Factoren

Er speelden meerdere factoren mee die hebben geleid tot de keuze voor Stella Maris: de redelijk korte fietsroute voor Luna, een goede busverbinding wanneer het slecht weer is en haar 16-jarige zus zit op dezelfde middelbare school. Over een eventueel negatief stigma rond het vmbo maakt Wendy zich niet druk. Luna zelf is ook tevreden met haar advies. Later wil ze graag werken in de gehandicaptenzorg.

Volgens Jan van Nierop in Nederweert heeft het vmbo vooral een slecht imago bij mensen die er niet komen. De voorzitter van de Stichting Platforms Vmbo weet dat vmbo’ers hun school doorgaans een zeer ruime voldoende geven. „Op het moment dat ze ernaartoe moeten, is het imago niet goed, maar als ze er eenmaal zitten, zijn ze vaak gelukkig. We hebben niet altijd de gemakkelijkste populatie, maar wel de dankbaarste. De leerkrachten zijn uitstekend, misschien wel de beste in heel het voortgezet onderwijs.” Het ophemelen van het vroegere beroepsonderwijs noemt Van Nierop ‘romantisering’. „Het imago van de lts en de ‘spinazieacademie’, zoals de huishoudschool wel werd genoemd, was echt niet beter dan dat van het vmbo nu.”

De waardering voor vakmanschap begint volgens hem wel terug te komen. „We moeten niet vergeten dat mensen die werken met hun handen daar wel bij moeten nadenken. Bovendien verdwijnen kantoorbanen steeds meer als gevolg van de automatisering, dat is de realiteit. En probeer maar eens een loodgieter te vinden dezer dagen. De theoretische leerweg (tl) krijgt een praktische component en ik denk dat dit op de havo binnen vijf jaar ook gaat gebeuren. Dat zegt iets over de herwaardering voor werken met de handen. Het komt helemaal goed met het vmbo.”

Bekijk de Scholenwijzer

Ga jij na de zomervakantie naar de middelbare school? Spannend! In maart moeten jij en je ouders beslissen welke school het wordt. Dan is het goed te weten hoe jouw (toekomstige) middelbare school scoort. Scholenwijzer De Limburger helpt jullie een eindje op weg.

Klik hier om naar de Scholenwijzer te gaan

Abonneer je op onze podcast via Spotify, iTunes of Stitcher.