De kleinschaligheid maakt Voerendaal groot

Wil Houben. Afbeelding: De Limburger/Peter Schols

Sinds december 2014 is Wil Houben burgemeester van Voerendaal. Hij verruilde het centrum van Heerlen voor het platteland van Retersbeek. En als het aan hem ligt blijft hij hier de rest van zijn leven.

Hij werd geboren in Heilust en woonde vanaf zijn negende in Heerlen. Daar was hij acht jaar wethouder en werd vervolgens regiodirecteur bij Wonen Zuid, directeur van MKB Limburg en had dezelfde functie bij KvK Limburg. In 2014 solliciteerde hij als burgemeester van Voerendaal, waar hij een graag geziene gast is bij jubilea en feestjes. “Ik kom inderdaad overal”, vertelt Wil, “de Blauw Sjuut heeft me daar afgelopen carnaval ook om bespot, maar ik ben betrokken en de komst van de burgemeester brengt wat extra’s.” Toch zijn het niet enkel feestjes waar de ambtsketting wordt gedragen. “Ik breng ook bezoeken aan jubilarissen en verzorgingstehuizen. Het is quality time. Ik doe het graag en de kleinschaligheid maakt dat mogelijk.”

Kleinschaligheid

Die kleinschaligheid typeert de stad naar zijn mening. “We hebben 94 monumenten binnen de gemeente. Met Winthagen herbergen we wellicht het mooiste dorp van Nederland en zo zijn er veel verborgen parels binnen de gemeente. Maar de mensen willen hier geen massatoerisme, dus blijft het zo. Dat maakt het ook mooi.” Toch mag er soms ook afstand gedaan worden van de kleinschaligheid vindt hij. Als voorbeeld noemt hij een jubileum bij een willekeurige vereniging. “Soms kom ik wel eens bij een concert en dan zie ik veel aanhang van de vereniging zelf, terwijl ik dan denk ‘dit zouden veel meer mensen moeten zien’.”

Bedreiging

Wat Houben opvalt is dat steeds meer mensen naar Voerendaal trekken. “Als ik kijk naar Klimmen: daar doen mensen uit de weide omgeving boodschappen. In Voerendaal spelen veel mensen van buitenaf volleybal en handbal. Misschien hebben we zelfs wel de grootste ‘cateraarsdichtheid’ van Limburg. Ze weten ons te vinden”, stelt hij tevreden vast. Maar ook dat brengt nadelen met zich mee. Onlangs kreeg Houben te maken met een bedreiging en er werden twee loodsen in brand gestoken. “Ik zie het niet als een persoonlijke bedreiging. Het is naar mijn mening meer gericht tegen ‘de burgemeester’.”

Volgens Houben is er een verschuiving aan de gang in het criminele circuit. “Voerendaal sloot vroeger meer de ogen. ‘Hier gebeurde dat nooit’. Maar criminelen zoeken vaker de leegstaande boerenschuren en de anonimiteit van het platteland op. Als wij dat vervolgens keihard aanpakken, krijg je een reactie.” Het moet volgens Houben daarom ook groter aangepakt worden. “Justitie, fiscus en gemeenten zouden deze criminaliteit gezamenlijk tegen moeten gaan.”

Niet meer terug

Aan alles is te merken dat hij zich, ondanks de bedreiging, thuis voelt in de gemeente. Hoe lang zou hij eigenlijk door willen gaan? “Het liefst plak ik er nog een termijn aan vast. Dat zou betekenen dat ik tot mijn zeventigste werkzaam blijf, ik hoop dat me dat gegund is.” En vervolgens terug naar Heerlen? “Nee”, zegt hij stellig, “ik heb het hier prima naar mijn zin. Mijn vrouw had nog nooit buiten de stad gewoond en ze vindt het heerlijk. Twee van onze kinderen wonen nu in Klimmen en Retersbeek. Zij zien ook hoe mooi het hier is.”

Door Paul Dolhain
Heerlen