De eerste verkiezingen in Schaesberg

Vrijheid, gelijkheid en broederschap. Afbeelding: Archief Martin van der Weerden

Op 1 oktober 1795 werd een groot deel van Zuid Limburg ingelijfd bij de Franse Republiek. Verkiezingen hoorden voortaan tot de vaste rituelen.

Met de komst van de succesvolle Franse legers naar onze streken werd ook de revolutionaire wetgeving doorgevoerd. De oude machthebbers uit adel en kerk werden van de troon gestoten. Met de leus ‘vrijheid, gelijkheid en broederschap’ werd het beginsel ingevoerd dat het volk soeverein is en voortaan zelf zijn bestuurders mocht kiezen. Maar ook ten tijde van de Franse revolutie vertoonde de politiek een grillig karakter. Toen in 1798 bij ons de eerste verkiezingen georganiseerd werden, hadden de beter gesitueerde burgers al lang weer de touwtjes in handen. Jan en alleman laten meestemmen was vragen voor problemen. Dat kon je beter overlaten aan diegenen die hadden bewezen dat zij zelf hun broek konden ophouden. Dat waren voornamelijk welgestelde burgers.

Stemmen

In de gemeente Schaesberg betrof dat elf stemmers. Eerst werd de president (voorzitter) van de gemeenteraad gekozen. Iedere stemgerechtigde werd bij naam opgeroepen en schrijft zijn stembiljet dat hij in een vaas deponeert. In een tweede vaas stopt hij een biljet met zijn naam. Met luide stem worden vervolgens de stembiljetten opgelezen. Burger Mathieu Trijbels heeft de absolute meerderheid en wordt tot president geproclameerd. Vervolgens wordt op gelijke wijze Jean Henri Melchers tot secretaris gekozen. De vers gekozen president en secretaris nemen plaats aan het hoofd van de bestuurstafel. Zij leggen nu met luide stem de door de grondwet geëiste eed af van haat aan koningschap en anarchie en van trouw aan Republiek en grondwet. Tot slot werden de drie overige gemeenteraadsleden gekozen: alle drie welgestelde boeren.

Door Martin van der Weerden
Heerlen