‘Die positieve cijfers over topomzetten bij speciaalzaken verdienen wel enige nuance’

Bron © WijLimburg

Afbeelding: © WijLimburg

Het zijn mooie geluiden die deze dagen te horen zijn als het gaat om verkoopcijfers van speciaalzaken. De consument zou tijdens de coronacrisis de weg naar de kleine zelfstandige weer gevonden hebben. Echter, de reacties verschillen per koopcentrum.

Toine Schreinemachers van Natuurslagerij Schreinemachers in Venlo begint te lachen als hij met de cijfers geconfronteerd wordt. “Het klinkt heel leuk, maar niet bij mij. En ik hoor het van meer collega’s in de regio. Het zijn vooral buurtwinkels die prachtige cijfers kunnen overleggen. Maar hier hebben we echt geen 30 of 40 procent meer omzet behaald.”

Parkeergeld Vooral de maanden maart en april waren volgens Schreinemachers funest. “In kleinere gemeenten gaan mensen bewust naar de slager of bakker om de hoek. Als de consument met de auto naar een winkelcentrum als dat van Venlo wil bezoeken, moeten ze parkeergeld betalen om even wat brood of vlees te kopen. Veel andere winkels waren in die eerste periode na de uitbraak van de coronacrisis gesloten, dus viel er weinig in het koopcentrum te beleven. Dan blijft de consument ook weg.”

Geen grote groepen of passanten Natuurlijk was er volgens de Venlose slager wel een groep mensen die bewust de supermarkt vermeden hebben vanwege de drukte en dus liever bij een speciaalzaak kochten, maar over het algemeen kan hij niet spreken over een gigantisch drukke periode. “We misten de passanten. En tijdens het voorjaar gaan normaal gesproken grote groepen mensen bij bedrijven of met vrienden barbecueën. Omdat er nu geen grote groepen bij elkaar mochten komen, viel voor onze zaak ook dat deel van de omzet weg. Datzelfde geldt voor de evenementen die wij normaal met onze foodtruck bezoeken. Ook die inkomsten zijn we afgelopen maanden misgelopen. Nee, ik klaag niet. Dit is een gezonde zaak, maar de cijfers uit het voorjaar van 2019 hebben we bij lange na niet gehaald. Dus de positieve geluiden over de topcijfers bij speciaalzaken dienen enigszins genuanceerd te worden.”

Minder klanten, meer besteden Hans Koelemij van ’t Keesheukske in Roermond begrijpt de reactie van Schreinemachers over het verschil per koopcentrum, maar zelf is hij zeker content over de verkoop in de afgelopen maanden. “In de eerste twee weken van de coronacrisis was het stil, maar daarna nam de verkoop toe en zaten we vrij snel weer op normaal. Er waren misschien minder klanten, maar de mensen die kwamen, gaven meer uit. Het waren mensen die door de situatie de drukke supermarkt of restaurant liever vermijden en daardoor thuis wilden genieten. Dan kopen ze bij speciaalzaken als deze.”

Als voorzitter van Vakcentrum Kaas- en Delicatessenwinkels heeft Koelemij ook contact gehad met collega ondernemers. “In heel Nederland horen we vergelijkbare verhalen. Bij de een was het top, bij de ander iets minder. Samen met de brancheverenigingen van slagers, bakkers, groentezaken en viswinkels hebben we een landelijke reclamespot gemaakt om bij de speciaalzaak te kopen. Of dat heeft bijgedragen aan een betere omzet is altijd lastig te zeggen. Maar het is goed om je als speciaalzaak te profileren. In de afgelopen weken merken we vooral dat toeristen uit eigen land, maar ook uit België en Duitsland onze winkel wisten te vinden. Ook die zijn natuurlijk van harte welkom.”


De inhoud van deze productie valt buiten de redactionele verantwoordelijkheid van De Limburger. Meer van WijLimburg